← Terug naar het aanbod

Rigging in de evenemententechniek

Maak snel een vliegende start met dit keuzedeel. Vraag het complete, bewerkbare lespakket gratis aan en gebruik het direct als basis voor je lessen. Pas het materiaal eenvoudig aan op je studenten, planning en onderwijspraktijk.

CodeK1331
Studielast240 SBU
Opbouw6 modules
Lessen40

Over dit lespakket

Wat is dit keuzedeel en voor wie is het bedoeld?

Keuzedeel K1331, Rigging in de evenemententechniek, is een mbo-lespakket bedoeld om studenten te begeleiden bij het werken aan en met rigging in de context van de evenemententechniek. Het keuzedeel richt zich op het organiseren van tijdelijke installaties, zoals aangegeven in de kerntaak: “Organiseert tijdelijke installaties”.

Dit lespakket is ontwikkeld voor mbo-onderwijs en sluit aan op de manier waarop opleidingen keuzes en praktijkgericht leren vormgeven. Dat betekent dat studenten resultaten verzamelen en onderbouwen binnen hun leerproces.

Met 6 modules en in totaal 40 lessen biedt het pakket voldoende structuur om het onderwerp in samenhang aan te bieden. Daarnaast is er materiaal voor de BPV-component aanwezig: 6 BPV-gerelateerde docx-bestanden.

Welke leerresultaten behalen studenten?

Binnen Rigging in de evenemententechniek werken studenten aan competenties die direct verbonden zijn met het organiseren van tijdelijke installaties. Dat is een concrete focus die relevant is voor de evenemententechniek.

Omdat het didactisch model portfolio is, worden leerresultaten niet alleen getoetst via een enkel examenmoment. Studenten verzamelen aantoonbaar werk gedurende het traject en kunnen daarmee hun voortgang zichtbaar maken. De opzet met 6 modules helpt om het onderwerp stap voor stap op te bouwen, zodat studenten vaardigheden en kennis geleidelijk kunnen verwerken in hun portfolio.

Het pakket omvat 40 lessen. In die lessen werken studenten aan opdrachten die als Word-documenten zijn opgenomen (200 opdrachten in docx-vorm). Door die opdrachten kunnen studenten gericht oefenen en hun werk presenteren of vastleggen, waardoor ze de kern van het keuzedeel aantoonbaar maken.

Hoe is het lespakket didactisch opgebouwd?

De didactische opbouw van K1331 is gebaseerd op een portfolio-didactisch model. Dat model sluit aan bij praktijkgericht onderwijs, waarbij studenten hun leeractiviteiten en resultaten aantoonbaar maken.

Het keuzedeel is opgebouwd uit 6 modules en omvat 40 lessen. Deze combinatie betekent dat elke module een herkenbaar deel van het programma vormt, en dat er binnen de totale studieduur ruimte is om opdrachten uit te voeren en resultaten te structureren.

Voor de uitvoering is er lesondersteunend materiaal beschikbaar in de vorm van 40 PowerPointpresentaties (pptx). Daarnaast zijn er in totaal 225 Word-bestanden (docx), waarvan 200 opdrachtenbestanden. Zo kan het lesprogramma zowel inhoudelijk als uitvoerend goed worden ondersteund.

Voor de docent is er 1 docentenhandleiding (docx) opgenomen. Ook is er materiaal voor BPV beschikbaar: 6 BPV-gerelateerde docx-bestanden. Daarmee is de opbouw niet alleen klassikaal, maar ook gericht op verbinding met beroepspraktijkleren.

Wat zit er concreet in het pakket?

Het lespakket voor K1331, Rigging in de evenemententechniek, is samengesteld uit verschillende soorten materiaal. Daarnaast zijn er 40 PowerPointpresentaties beschikbaar om de lessen te ondersteunen.

Qua documentatie en opdrachten bevat het pakket in totaal 225 Word-documenten (docx). Daarbinnen zijn 200 docx-bestanden specifiek als opdrachten opgenomen. Dit zijn de praktische onderdelen waarmee studenten actief aan het leertraject werken.

Daarnaast is er BPV-materiaal aanwezig: 6 docx-bestanden die specifiek zijn ingericht voor de beroepspraktijkvorming. Voor de begeleiding door het team is er 1 docentenhandleiding (docx) toegevoegd, zodat docenten het programma kunnen voorbereiden en uitvoeren volgens de beoogde lijn.

Dit geeft een indicatie van de totale inzet die hoort bij het traject binnen de opleiding.

Hoe gebruikt een docent dit in de praktijk?

Docenten kunnen K1331 inzetten door de 40 lessen te plannen over de 6 modules, met de portfolio-benadering als rode draad. Omdat het didactisch model portfolio is, kan de docent opdrachten en resultaten zo laten vastleggen dat studenten hun voortgang kunnen aantonen. De kerntaak “Organiseert tijdelijke installaties” kan daarbij als inhoudelijk kompas fungeren.

Voor elke les kan de docent gebruikmaken van de 40 PowerPointpresentaties (pptx). De inhoudelijke begeleiding met slides helpt om de theorie en werkcontext consistent aan te bieden binnen de lessen. Vervolgens kunnen studenten aan de slag met de opdrachten die als Word-bestanden beschikbaar zijn (200 opdrachten in docx-vorm).

De docent gebruikt daarnaast de 1 docentenhandleiding (docx) om het programma te structureren en om te weten hoe het traject didactisch is opgezet. Omdat er ook BPV-materiaal beschikbaar is (6 BPV docx-bestanden), kan de docent de verbinding met de werkplek meenemen in het lesprogramma, afgestemd op wat studenten in de beroepspraktijk kunnen oefenen.

De totale SBU van 240 helpt docenten om de inzet realistisch te plannen binnen het curriculum. Zo kunnen lessen, opdrachten en portfolio-activiteiten in samenhang worden georganiseerd.

Hoe sluit dit aan op BPV en beroepspraktijk?

Het keuzedeel sluit aan op BPV doordat er expliciet BPV-gerelateerd materiaal is opgenomen in het pakket: 6 docx-bestanden. Daarmee heeft het opleidingsteam middelen om het leren op school te verbinden met leren in de praktijk.

Aangezien de kerntaak luidt “Organiseert tijdelijke installaties”, past het onderwerp bij werkzaamheden die in de evenemententechniek voorkomen. Studenten kunnen in de beroepspraktijk situaties tegenkomen waarin ze tijdelijke installaties organiseren en uitvoeren. Het BPV-materiaal kan helpen om die praktijkervaring te vertalen naar aantoonbare leerresultaten richting het portfolio.

Omdat het didactisch model portfolio is, vormt de BPV waarschijnlijk een bron van bewijs of uitwerking voor studenten. In de uitvoering kan de docent zo afspraken maken over hoe studenten praktijkopdrachten of observaties vastleggen en koppelen aan de opdrachten en modules op school.

Het portfolio-element maakt bovendien dat studenten hun leerproces systematisch kunnen onderbouwen. Dat sluit aan op de bedoeling van BPV: leren in de werkcontext, met terugkoppeling en verwerking in het onderwijs.

Wat levert dit op voor student en docent?

Voor studenten levert Rigging in de evenemententechniek een gestructureerd leertraject op met 6 modules en 40 lessen. De inhoudelijke focus ligt op de kerntaak “Organiseert tijdelijke installaties”. Door de portfolio-didactische aanpak kunnen studenten hun resultaten gedurende het traject verzamelen en aantonen, passend bij het mbo-onderwijs.

Studenten krijgen daarbij veel oefen- en uitwerkingsmateriaal in handen: 200 opdrachten in docx-vorm. In combinatie met de 40 PowerPointpresentaties kunnen ze de aangeboden inhoud vertalen naar concrete activiteiten. De aanwezigheid van BPV-documenten-bestanden (6) ondersteunt bovendien de koppeling met de beroepspraktijk, zodat praktijkervaring niet los staat van het schoolprogramma.

Voor docenten biedt het pakket praktische houvast. De 1 docentenhandleiding (docx) helpt bij de voorbereiding en uitvoering. Door de lesopbouw met 40 presentaties kan het onderwijs consistent worden aangeboden. Ook helpt de duidelijke samenstelling van het materiaal (modules, lessen, opdrachten en BPV-documenten) om planning en begeleiding efficiënt te organiseren binnen de SBU van 240.

Daarnaast maakt het portfolio-model het mogelijk om begeleiding te richten op voortgang en kwaliteit van werk, in plaats van alleen op één afsluitend moment. Dat ondersteunt het onderwijsproces en maakt het leertraject voor zowel student als docent inzichtelijk.

Praktische informatie: inzet, voorbereiding en levering

De praktische inzet van K1331, Rigging in de evenemententechniek, is georganiseerd rondom 6 modules en 40 lessen. Het totaal omvat 240 SBU, wat docenten kan gebruiken voor een realistische planning in het curriculum.

Voor de voorbereiding kunnen docenten gebruikmaken van de 40 PowerPointpresentaties (pptx) en de docentenhandleiding (1 docx). Daarmee is het mogelijk om lessen inhoudelijk voor te bereiden en het traject te begeleiden volgens de beoogde portfolio-opzet.

Qua werkmateriaal ontvangen of gebruiken studenten 225 Word-documenten (docx) in totaal, waarvan 200 opdrachtenbestanden. Daarnaast zijn er 6 BPV-documenten-bestanden beschikbaar, zodat het opleidingsprogramma ook de verbinding met de beroepspraktijk kan ondersteunen.

Er zijn wel duidelijke aantallen en onderdelen genoemd (pptx, docx, opdrachten en docentenhandleiding), zodat het opleidingsteam vooraf kan inschatten welke materialen beschikbaar zijn voor de uitvoering.