Creatief ondernemerschap
Maak snel een vliegende start met dit keuzedeel. Vraag het complete, bewerkbare lespakket gratis aan en gebruik het direct als basis voor je lessen. Pas het materiaal eenvoudig aan op je studenten, planning en onderwijspraktijk.
Over dit lespakket
Wat is dit keuzedeel en voor wie is het bedoeld?
Dit mbo-lesmateriaal is ontwikkeld voor het keuzedeel Creatief ondernemerschap met code K1385. Het lespakket is bedoeld voor mbo-studenten die (in het kader van hun opleiding) willen werken aan ondernemend gedrag binnen de creatieve sector.
Dat betekent dat de inhoud aansluit op het combineren van creativiteit met ondernemen, zoals het nemen van initiatief, het ontwikkelen van een ondernemend idee en het uitvoeren van bijbehorende activiteiten.
Het pakket is daarnaast ingericht voor docenten en opleidingscoördinatoren die hun onderwijs willen organiseren rondom een portfolio. Omdat het didactisch model portfolio is, ligt de focus op aantoonbaar gemaakte ontwikkeling en bewijsstukken die studenten gedurende het traject verzamelen en uitwerken.
Welke leerresultaten behalen studenten?
Studenten leren dus ondernemend te handelen in een context waarin creativiteit centraal staat.
Omdat het lespakket volgens een portfolio didactisch model is opgebouwd, werken studenten aan opdrachten die samenkomen in een portfolio. Daardoor kunnen studenten aantonen wat ze hebben gedaan, hoe ze tot keuzes zijn gekomen en welke stappen ze hebben doorlopen om hun ondernemende activiteiten vorm te geven.
Het lesmateriaal bevat in totaal 6 modules en 40 lessen. Door die opbouw bouwen studenten systematisch kennis en vaardigheden op die passen bij creatief ondernemerschap en die aantoonbaar terugkomen in hun portfolio.
Hoe is het lespakket didactisch opgebouwd?
Het lespakket gebruikt het didactisch model portfolio. Dat houdt in dat studenten hun leerproces en resultaten vastleggen in portfolio-opbouw, waarbij opdrachten en uitwerkingen leiden tot concrete bewijsstukken.
Het pakket bestaat uit 6 modules met samen 40 lessen. Daarmee is er voldoende ruimte om opdrachten gefaseerd te oefenen en te verbeteren. Studenten kunnen gaandeweg feedback verwerken en hun materiaal steeds verder uitwerken.
Voor de uitwerking is er een vaste set lesbestanden beschikbaar: 40 PPTX-bestanden en een totaal van 237 DOCX-documenten. Zo is er een duidelijke route van instructie naar studentopdrachten en koppeling met praktijkleren.
Wat zit er concreet in het pakket?
Daarvoor zijn er 40 PPTX-bestanden beschikbaar, zodat docenten de lessen kunnen ondersteunen met presentaties.
Daarnaast zijn er 237 DOCX-documenten in totaal. Binnen die set zijn 200 DOCX-opdrachten opgenomen, waarmee studenten gericht kunnen werken aan de portfolio-opbouw en bijbehorende uitwerkingen. Ook zijn er 6 BPV-DOCX-bestanden toegevoegd, zodat er materiaal beschikbaar is dat aansluit op praktijkleren.
Voor docenten is er één docentenhandleiding in DOCX-formaat. Dit document helpt bij het inzetten van het materiaal en maakt het eenvoudiger om de opzet, volgorde en werkwijze van het portfolio-model te begeleiden.
Hoe gebruikt een docent dit in de praktijk?
Een docent kan het lespakket inzetten door de 40 lessen te doorlopen in de volgorde van de 6 modules. Omdat er voor elke les een bijpassende PPTX beschikbaar is (40 in totaal), kan de docent per bijeenkomst starten met instructie en toelichting, gevolgd door studentwerk aan opdrachten.
De studenten werken vervolgens aan de 200 DOCX-opdrachten. Doordat het didactisch model portfolio is, worden deze opdrachten gekoppeld aan het verzamelen en vastleggen van resultaten. In de praktijk betekent dit dat studenten niet alleen ‘afmaken’, maar vooral ook aantoonbaar laten zien wat ze hebben ontwikkeld.
Wanneer het traject praktijkcomponenten bevat, kan de docent gebruikmaken van de 6 BPV-DOCX-bestanden. Daarmee krijgt praktijkleren een concrete plek in het onderwijs en kunnen portfolio-onderdelen aansluiten op wat studenten in hun beroepscontext ervaren.
Hoe sluit dit aan op BPV en beroepspraktijk?
Daarmee is er materiaal beschikbaar om de verbinding te maken tussen de lessen en de beroepspraktijk waar studenten stage of praktijkopdrachten uitvoeren.
Omdat het didactisch model portfolio is, kunnen studenten BPV-ervaringen vertalen naar bewijsstukken in hun portfolio. Zo wordt praktijk niet alleen een ‘ervaring’, maar ook inhoud die studenten kunnen verwerken en aantonen in hun leerresultaten.
De aanwezigheid van aparte BPV-bestanden helpt docenten om de koppeling gestructureerd te organiseren. Studenten kunnen gerichter werken aan het ondernemerschap binnen de creatieve sector in een setting die aansluit op hun beroepscontext.
Wat levert dit op voor student en docent?
Voor studenten levert het pakket vooral aantoonbaar werk op binnen het portfolio-model. Doordat er 6 modules en 40 lessen zijn, kunnen studenten in een gestructureerd traject leren en hun ontwikkeling zichtbaar maken via portfolio-opbouw. De 200 DOCX-opdrachten ondersteunen daarbij het maken van concrete uitwerkingen.
Daarnaast helpt de duidelijke inhoudelijke focus op de kerntaak Onderneemt in de creatieve sector studenten om te oefenen met ondernemend gedrag in een creatieve context. Door te werken met opdrachten en portfolio-bewijs kunnen studenten hun voortgang onderbouwen.
Voor docenten biedt het pakket een praktische, complete set materialen: 40 PPTX-bestanden, een totaaloverzicht van 237 DOCX-documenten en één docentenhandleiding. Daardoor kan de docent de lessen voorbereiden en begeleiden met ondersteuning van bestaande instructie- en opdrachtformulieren.
Praktische informatie: inzet, voorbereiding en levering
Het lesmateriaal is opgezet voor inzet binnen 40 lessen, verdeeld over 6 modules. Voorbereiding kan plaatsvinden op basis van de 40 PPTX-bestanden, zodat docenten per les direct kunnen starten met presentatiemateriaal.
Voor het studentenwerk zijn er 200 DOCX-opdrachten beschikbaar. Voor praktijkkoppeling zijn er daarnaast 6 BPV-DOCX-bestanden. De docent kan dus zowel lesgebonden opdrachten als praktijkgerichte onderdelen gebruiken binnen de portfolio-opbouw.
Daarmee kan de docent de werkwijze van het portfolio-model consistent toepassen in de begeleiding van studenten.
De SBU is wel opgegeven: 240. Deze gegevens kunnen docenten en opleidingscoördinatoren gebruiken bij planning en afstemming.
